Voor collectiebeherende instellingen als het Nationaal Archief vind ik vooral het met behulp van user-generated content beter doorzoekbaar maken van collecties een belangrijke, door de omvang en potentie bijna revolutionaire, ontwikkeling. Hierdoor kunnen massabestanden vrij gedetailleerd, soms zelfs op bestanddeelniveau, toegankelijk worden gemaakt, waar de instellingen zelf nooit over voldoende capaciteit beschikken om hetzelfde resultaat te bereiken. Bovendien kunnen door tagging nieuwe zoekinstrumenten worden ontwikkeld en relaties worden gelegd. Hoe nuttig ook, het is en blijft natuurlijk een instrument náást de klassieke instrumenten. Zoals de televisie de radio niet heeft vervangen, en de computer niet teletekst (door 65% van de bevolking gebruikt, speciaal door jongeren) zal user-generated content op het gebied van toegankelijkheid ook niet in de plaats komen van de inventaris, maar hierop een welkome aanvulling zijn. Een van de beperkingen is natuurlijk wel de onevenwichtigheid, omdat gebruikers vooral bepaalde onderdelen van de collectie van nadere informatie zullen (willen) voorzien, terwijl het een taak is van een culturele instelling om de totale collectie toegankelijk te maken op een kwalitatief hoog niveau, i.c. de voor een juist begrip noodzakelijke context. Ik citeer dan ook van harte Nolda Römer-Kenepa, de nationale archivaris van de Nederlandse Antillen die in haar functie van ICA-vicepresident in Flash van juli 2009 schreef:
This so-called "Google Generation" completely separates form from content and is less concerned with whether the information originates from a book or a thousand year old manuscript; all they are interested in is the information contained within these two forms. In the end, not only will uniqueness, value and relevance of archival information go by unnoticed but people will also ignore the value of specialized skills, essential for preservation and managing of records, the main sources of information. If we do not act soon, these developments will have negative consequences for the image of the archivist of the 21st century. We do not want to run the risk that in the public view the archivist will become some sort of an assistant, a mere provider of content to an e-technician who is responsible for the creation of electronic information.
User-generated content wordt ook dikwijls geadverteerd als wisdom of crowds. Behalve dat ik in de geschiedenis van de mensheid alleen het omgekeerde van de wijsheid van de massa ben tegengekomen, vergeet men doorgaans dat James Surowiecki die dit begrip muntte (en voor hem Pierre Levy met de term collectieve intelligentie) voorwaarden definieerde waaraan voldaan dient te worden om de theorie van de wisdom of crowds te laten werken en dat het begrip bovendien niet de productie van kennis betreft, maar een instrument voor specifieke typen besluitvorming. Net als economen gaat hij uit van een volkomen situatie; waar crowdsourcing misgaat, ligt dat aan de onvolkomen omstandigheden, niet aan de theorie of de analyse. En ach, we weten toch al eeuwenlang: twee weten meer dan één en het fgeheel is meer dan de som der delen.
Tot slot user-generated content als verhalenfabriek. Tijdens mijn oral-history training al weer enkele decennia geleden werd ik bewust van de beperktheid van mondelinge traditie en historisch geheugen. De inkt van The Voice of the Past van pionier Paul Thompson was nog maar net droog. Dat hoeft het gericht vastleggen van herinneringen niet in de weg te staan, integendeel, het is uiterst wenselijk vooral waar documenten ontbreken of schaars zijn, maar het dient wel professioneel te gebeuren, wil het voor derden enige waarde als bron hebben. We zien bovendien oral history nogal vaak hand in hand gaan met politieke ambities, bijvoorbeeld in Afrikaanse landen. Waar we het publiek praatjes bij plaatjes vragen, kunnen we spelenderwijs belangrijke informatie vergaren en onze collectie verrijken, soms zelfs corrigeren, maar het willekeurig verzamelen van herinneringen heeft volgens mij weinig meer nut dan - gerechtvaardigde - klantenbinding en marketing. User-generated content als verstrooiing.
Samenvattend: web 2.0 is een belangrijke ontwikkeling waarvan we de impact nog niet eens kunnen overzien en die zeker een revolutie voor het ontsluiten van collecties betekent. Maar dat betekent nog niet dat we voortaan zonder professionals kunnen. Integendeel, we zullen ze harder nodig hebben dan ooit.

Geen opmerkingen:
Een reactie posten